Animatie 6 Motion Paths

Motion Paths

Laten we eerst even de zaken op een rijtje zetten voor een gewone motionpath animatie. We hebben nodig:

  • Een curve. We kunnen zowel de EP-Curve Tool als de CV-Curve Tool gebruiken.
  • Een object. Als testobject kunnen we een Nurbs Primitives->Cone gebruiken.
  • Tijd. Zet de timerange slider op 48.

Nu hoeven we alleen nog maar de curve en het object te selecteren en aan het motion path te attachen. Daarvoor gebruiken we:

  • Hoofdmenu Animation: Animate->Motion Paths->Attach To Motion Path->Option Box.
  • Zet de volgende opties: Time range: Timeslider, Follow on, Front Axis Y.
  • Druk op Attach.
  • Speel de animatie af.

Timing

We zien een lineaire animatie, de hele tijd beweegt het object gelijkmatig langs de curve. Om daar nu verandering in aan te brengen, hebben we verschillende opties. Motion Path Keys gebruiken is een mogelijkheid,  of de timing te bepalen door de plaatsing van de CV’s op de curve. Om met het laatste te beginnen:

  • Volg de stappen zoals hierboven beschreven.
  • Zet als extra optie Parametric length aan.

Het effect is dat wanneer er CV’s dicht bij elkaar staan, het object daar langzamer gaat, en op plekken waar weinig CV’s staan juist weer harder. In het voorbeeld hieronder heeft de bovenste curve 3 van de 4 CV’s aan het begin van de curve staan en bij de onderste curve zijn de CV’s gelijkmatig verdeeld. Halverwege de animatie is het onderste object precies halverwege, de bovenste heeft nog maar een kwart afgelegd. In dit voorbeeld beginnen en eindigen de objecten gelijk.

Boven: Het effect van Parametric length op frame 12. Onder: zonder Parametric length is de animatie lineair.

  • Zet de Timeslider halverwege de animatie.
  • Selecteer de cone.
  • Animate->Motion Paths->Set Motion Path Key.

Er verschijnt een marker op het motion path, met framenummer waarop de key gemaakt is. Deze keymarker is te verschuiven over het motion path:

  • Verschuif de Timeslider zodat het object niet in de weg zit bij de marker.
  • Selecteer met de Move Tool de marker.
  • MMB drag de marker langs de curve.
  • Plaats deze key meer naar het begin van de curve.

Wat gebeurt er nu eigenlijk? Toen je Attach To Motion Path deed, werd er een node motionPath1 gecreeërd. Deze node vind je terug in de Channelbox wanneer je de curve of het object selecteert. Klik éénmaal op motionPath1. De Attributes van de node worden zichtbaar. U Value is blijkbaar geanimeerd. Maya gebruikt de U Value van een curve om de positie op een motion path aan te geven. De U van een curve loopt van 0  aan het begin van de curve, tot 1 aan het uiteinde van de curve*. Met deze wetenschap kan je ook direct keys op de curve zetten:

  • Ga naar frame 36.
  • Highlight U Value in de Channelbox.
  • RMB-> Key Selected.
  • Een marker met 36 verschijnt op de curve.
  • Verschuif deze marker meer naar het einde.
  • Open de Graph Editor.
  • Edit de mogelijke overshoot tot een ease in /  ease out.

Ease in – ease out curve. Altijd opletten bij motion path keys: overshoot komt hier ook voor.

* van 0 tot 1 wanneer er geen parametric length is gebruikt. Dan is de U value het aantal spans van de curve (bij curve degree 3 is de 1e span het minimum aantal Cv’s om de curve te maken: 4. Elke CV meer is ook een span. Dus een een curve van 7 CV’s heeft een max U Value van 4.

Tip:

U value en V value kom je regelmatig tegen bij 3D objecten, met name bij texturing. Het is de naamgeving van de richting van de oppervlaktes, zoals X en Y. Bij oppervlaktes van 3D objecten heet dat U en V. Curves zijn 1-dimensionaal, zij hebben geen oppervlakte. Ze hebben maar één richting namelijk de U. Wanneer je de CV Curve Tool gebruikt ziet de 2e CV eruit als een U om aan te geven wat de richting van de curve is.

Flow Path Object

Deze functie  maakt het mogelijk dat het object deformeert langs het Motion Path. Daarvoor gebruikt de functie een lattice deformer. Voorwaarde voor een succesvolle flow is dat er voldoende punten zijn in het object om te deformeren.

Maak nu een motion path animatie, gebruik als object nu een Nurbs Cylinder waarbij de opties:

  • Axis X
  • Radius 0.3
  • Number Of Spans 12

Attach deze aan een motionpath met  follow aan en Front Axis X. Dit zijn de default options van Attach To Motion Path.

Tip:

Wanneer je de default options terug wilt van een functie: In de option box is meestal een menu met Reset Settings. Met name in situaties dat meerdere mensen gebruik maken van dezelfde computer is het een handeling die heel veel problemen kan voorkomen.

  • Selecteer de cylinder
  • Animate->Motion Paths->Flow Path Object.
  • Speel af en edit zonodig het aantal S divisions van de lattice.

Meer S Divisions op de Lattice geeft een veel accurater deformatie.

Modelling met Motion Paths

De volgende voorbeelden hebben niet als primaire doel animatie, maar modelling. Wel met behulp van motion paths. Er was altijd wel discussie over dat de functies Animation Snapshot en Animated Sweep eigenlijk bij modelling thuishoren. Maar het past nergens onder en het is ook niet speciaal Nurbs of Polys en je hebt een motion path animatie nodig. Men heeft besloten deze functies dan maar in het Animatie menu te laten, met als gevolg dat modellers vaak aan deze functies voorbijgaan of soms het bestaan er zelfs niet van weten.

Animation Snapshot

  • Maak een curve, zet de Timeslider op 100.
  • Maak een polygons cube, Attach to Motion Path.
  • Scale de cube in de Z wat langer.
  • Animate->Create Animation Snapshot Option Box.

Zet Increment op 3, dat betekent dat er om de 3 frames een kopie wordt gemaakt van het object. Wees er zeker van dat je de kubus geselecteerd hebt en druk op Apply.

Animation Snapshot

Animated Sweep

De Animated Sweep gaat nog een stapje verder. Hierbij wordt een Animation Snapshot gemaakt van een curve en er wordt een lofted surface gemaakt van alle snapshot curves.

Dus de stappen zijn:

  • Maak een curve voor het pad.
  • Maak een curve als profielcurve (bijvoorbeeld een cirkel).
  • Attach to motion path.
  • Selecteer de profile curve.
  • Animate->Create Animated Sweep.

De animated sweep lijkt erg op de extrude functie bij Nurbs. Toch is deze anders: er worden een hoop kopiën gemaakt en geloft. De extrude functie gebruikt eveneens een profielcurve en de richting van een pad, maar maakt geen fysieke kopiën van de profile.

Animated Sweep

De andere manier is het aanbrengen van extra keys op het motion path. Zelfs wanneer je Parametric length gebruikt, kun je als extra Motion Path Keys gebruiken. Maar pas op dat die twee elkaar niet gaan tegenwerken. Beter is het om één van beiden te gebruiken.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s